De tussenwand vormt de scheiding tussen de cabine en de laadruimte. De wand kan volledig uit plaatstaal vervaardigd zijn of een ruit of rooster (gedeeltelijk vast, of demonteerbaar) bevatten. Zo’n rooster bestaat uit twee delen: een vast gedeelte aan de kant van de bestuurder en een roterend gedeelte aan de kant van de passagier. In dat geval kan het rooster parallel met de bijrijdersstoel gesloten worden en in de vloer neergeklapt worden.
De Fiorino is ook voorzien van een kleine metalen ladder met 9 dwarsbalken om de bestuurder te beschermen in het geval de lading heen en weer schuift.